U bent hier

Nachtvlinderblogs

afbeelding van Julian

Wilgenroosjesmot


Gewone wilgenroosjesmot (Mompha epilobiella). Dit kleine vlindertje is nu te vinden door het Harig Wilgenroosje (Epilobium hirsutum) te inspecteren; een plant die veelvuldig groeit langs onder andere sloten en vijvers. Lijkt op Gele wilgenroosjesmot (Mompha ochraceella) maar die laatste heeft 'n minder contrastrijke tekening op de vleugels die geler van kleur zijn. Ook heeft de Gewone wilgenroosjesmot meestal donkere bandjes om de poten; bij de Gele zijn die lichter of niet te zien. Verder heeft de Gewone wilgenroosjesmot meer donkere vlekken op de voorvleugel; de twee vlekjes die het duidelijkst te zien zijn bij de Gele wilgenroosjesmot zitten bovenop in de vorm van "schubpuistjes". Foto gemaakt in Baalder langs de visvijver.

afbeelding van Julian

Wintervlinderrups


Rupsen van de Grote wintervlinder (Erannis defoliaria) kun je nu overal aantreffen; vooral op eik. Het duurt eventjes voordat 'ie volwassen is; de vlinders vliegen hoofdzakelijk van oktober t/m eind december (tenzij het vrouwtjes zijn maar da's 'n ander verhaal).

afbeelding van Julian

"Gewoon" maar ongezien: Brandnetelmot.


De Brandnetelmot (Anthophila fabriciana) is een veelvoorkomend nachtvlindertje dat op zonnige dagen te vinden is op de bladeren van Grote Brandnetel (Urtica dioica).

Waar te vinden?
Op Grote Brandnetel met zonnig weer. De pieken in de vliegtijd liggen in mei en augustus/september.

Erg klein zijn ze en daardoor makkelijk over het hoofd te zien. Wanneer je tijdens het afspeuren van brandnetels een "harig mugje" ziet opvliegen zou het zomaar 'ns de Brandnetelmot kunnen zijn. Blijf dan even stil staan want de kans is groot dat 'ie weer spoedig de landing inzet.

Pas op met de Nederlandse soortnamen!
De Parelmoermot (Pleuroptya ruralis) wordt ook wel (Gewone) Netelmot genoemd. Daarnaast hebben we nog de Bonte Brandnetelmot (Anania hortulata) en Brandnetelbladroller (Celypha lacunana).


Netelmot Bonte Brandnetelmot Brandnetelbladroller
afbeelding van Julian

Langsprieten


Smaragdlangsprietmot (Adela reaumurella, boven) en Bleke langsprietmot (Nematopogon swammerdamella, onder) bij het Engelandsche Bos. Die laatste heb ik tussen 21 april en 6 mei op 5 locaties in de gemeente aangetroffen (zie kaartje). Bleke langsprietmot lijkt sterk op de Gevlekte langsprietmot (Nematopogon adansoniella) en het belangrijkste verschil zit bij het basale deel van de sprieten (vereist goed kijken). Bij Bleke is dit gedeelte wit van kleur (zonder de strepen die verderop wel op de antennes zitten) terwijl bij de Gevlekte de strepen over de sprieten hier gewoon doorlopen tot de kop. "Bleek" en "Gevlekt" zegt dus vooral iets over dat doorslaggevende kenmerk want de kleurintensiteit op de vleugels varieert bij beide soorten.

Waar ik de Bleke langsprietmot heb gezien in 2017 tot dusver:

afbeelding van Julian

Smeerrecepten voor nachtvlinderen

Nachtvlinderen met een zelfgemaakt "smeermengsel" hebben we nog niet vaak gedaan. Afgelopen weekend was het tijd voor een serieuze poging. Bepaalde vlindersoorten schijnen gedurende de nachturen zoete mengsels te verkiezen boven lichtbronnen... Smeren maar voor 'n vollediger beeld! Smile

▪ Ons recept hier.
▪ Verslag van Sylvia hier.

Zwartvlekwinteruil (Conistra rubiginosa). Wachtervlinder (Eupsilia transversa).
afbeelding van Julian

Bastaardsatijnvlinder


De spinselnesten van Bastaardsatijnvlinder (Euproctis chrysorrhoea) op Duindoorn. Te vinden in de kuststreek (in dit geval bij Scheveningen).

afbeelding van Julian

Nachtvlinderen weer van start!

Opgelet! Biggrin
Kleine Voorjaarsspanner (Agriopis leucophaearia) vliegt weer nu! Althans de mannetjes. De vleugels van het vrouwtje zijn sterk gereduceerd tot stompjes waardoor ze op een torretje lijkt. Er is een hele reeks "winterseizoenspanners" waarbij deze duidelijke vorm van geslachtsdimorfie voorkomt. Een aantal van dergelijke soorten is: Kleine Wintervlinder, Grote Wintervlinder, Najaarsspanner, Perentak, Meidoornspanner, Voorjaarsboomspanner, Voorjaarsspanner, Kleine Voorjaarsspanner, Grote Voorjaarsspanner...


Twee van de drie Kleine Voorjaarsspanners die Ron en ik aantroffen.

Links over de Kleine Voorjaarsspanner:
Beschrijving op VlindernetRecente waarnemingen

Eerder vanavond zag ik 'n mannetje van de Perentak (Phigalia pilosaria):

Links over de Perentak:
Beschrijving op VlindernetRecente waarnemingen
Waar te vinden?
Kleine Voorjaarsspanner en Perentak zijn gewone soorten in deze tijd van het jaar. Ze komen goed op licht; buitenverlichting, winkelruiten, bushokjes, fietstunneltjes (etc.) controleren helpt.
afbeelding van Julian

Harige rups


De rupsen van de Kleine Beer (Phragmatobia fuliginosa) zijn ruig behaard. Deze was aan de wandel bij het Vechtpark Hardenberg.

afbeelding van Julian

Nachtvlindernieuws November

Drie mannetjes van de Grote Wintervlinder (Erannis defoliaria). Zoals je op de foto's wel kunt zien is er aardig wat variatie in de kleuring bij deze soort. Alle foto's op deze pagina zijn op dezelfde locatie gemaakt; een fietstunneltje in Hardenberg. Het loont om in de nachturen een rondje nachtvlinders te doen; verlichtte bushokjes, fietstunnels en winkelmuren controleren. Het zal je niet elke keer een even goede score bezorgen (in de zomermaanden de grootste verscheidenheid aan soorten) maar als je dit geregeld doet kan het een mooie soortenlijst opleveren. In totaal heb ik vanavond in dat tunneltje ("De Vissenkom") 13 Grote Wintervlinders, 19 Kleine Wintervlinders en 1 Windevedermot gezien.
Foto's boven: Kleine Wintervlinder (Operophtera brumata), mannetjes (want net als bij de Grote Wintervlinder beschikken de vrouwtjes niet over vleugels). Foto hiernaast is een Windevedermot (Emmelina monodactyla). Dit diertje vormt met de (duidelijk van eerstgenoemde te onderscheiden) Scherphoekvedermot (Amblyptilia acanthadactyla) het najaarsduo; het zijn de enige soorten uit de familie van de Vedermotten (Pterophoridae) die nu nog te vinden zijn in ons land. Dat Windevedermotten vlinders zijn levert soms verbaasde reacties op: "maar het is net 'n mug!". Bij sommige vlindersoorten zorgt het bijzondere uiterlijk er dus voor dat opgerolde kranten een serieuze bedreiging kunnen vormen.

Op een ander nachtvlindercheckpoint waren 3 Grote Wintervlinders, 9 Kleine Wintervlinders en een Kromzitter (Asteroscopus sphinx) aanwezig rondom de lampen. Dit is op de buitenmuren van de Plussupermarkt in mijn woonwijk.

afbeelding van Julian

Herfstkortvleugelmotten


Herfstkortvleugelmotjes (Diurnea lipsiella) bij 't Bentincksbosch. Typische manier van rondfladderen; onrustig en laag boven de grond of rondom struiken. Dit zijn de mannetjes die op zoek zijn naar vrouwtjes (die kunnen niet vliegen vanwege de gereduceerde vleugels).

afbeelding van Julian

Epirrita Almelo


Een moeilijk te determineren nachtvlinder in het centrum van Almelo vanavond: Epirrita spec. Wie van de drie? Novemberspanner (Epirrita autumnata), Herfstspanner (E. dilutata) of Bleke novemberspanner (E. christyi)? Volgens Vlindernet (erg nuttige website van de Vlinderstichting) niet met zekerheid te zeggen zonder genitaliënonderzoek (het diertje doden en nader bekijken onder de microscoop). Wat mij betreft vermoedelijk 'n Herfstspanner (Epirrita cf. dilutata).
Dit onderwerp is al eens eerder langsgekomen op BirdBlog maar nu weer actueel omdat Epirrita's veel worden gezien op het moment. Zie: 5 november 2015.

afbeelding van Julian

Bijzondere nachtvlinders

Het Espenblad (foto boven) is al een zeldzaamheid maar daarnaast kwamen we met onze kersverse nachtvlinderwerkgroep een nog veel zeldzamere soort tegen op 3 juni: Haagbeukmot (foto onder). Meer info over deze nachtvlindersoort hier: http://microvlinders.nl/soorten/species.php?speciescode=431780&p=1
Dit is de eerste bekende waarneming van Haagbeukmot (Agrotera nemoralis) in de gemeente Hardenberg!

afbeelding van Julian

Kleine Wintervlinder.

Vrouwtje van de Kleine Wintervlinder (Operophtera brumata), vandaag. Wat moeilijker te vinden dan de (gevleugelde) mannetjes. Vrouwtjes hebben sterk gereduceerde vleugels en kunnen dus niet vliegen. Andere algemeen voorkomende spannersoorten waar dit grote verschil tussen beide geslachten ("geslachtsdimorfie") geldt zijn o.a. Grote Wintervlinder, Najaarsspanner, Kleine Voorjaarsspanner, Grote Voorjaarsspanner, Voorjaarsspanner, Perentak, Voorjaarsboomspanner.

Dit is het mannetje van de Kleine Wintervlinder; de nachtvlinder die ik momenteel het meest tegenkom. Foto van 17 december 2012:

Winter Moth (Operophtera brumata). First picture: female specimen (wings are strongly reduced which disables their ability of flying). Second picture: male (contrary to females they do have wings; which makes their general apearance way different - "Sexual dimorphism").

afbeelding van Julian

Grote Wintervlinders en Epirrita's.


Mannetje van de Grote Wintervlinder (Erannis defoliaria); gewone soort in Nederland. De vrouwtjes hebben sterk gereduceerde vleugels (slechts kleine stompjes die moeilijk te zien zijn) en het lijfje heeft normaal gesproken een witte grondkleur met zwarte stippen. Foto boven: Deventer (5 november); onder: Hardenberg (1 november).

Above: male specimens of the Mottled Umber (wings of the females are strongly reduced).


Epirrita spec. Deze vind ik lastig want er zijn drie soorten die erg op elkaar kunnen lijken. Dit is Novemberspanner (Epirrita autumnata) óf Herfstspanner (E. dilutata) óf Bleke novemberspanner (E. christyi). Oppassen met de Engelse namen; wij Nederlandstaligen hebben die van Herfstspanner en Novemberspanner (E. autumnata!) omgewisseld. November Moth = Herfstspanner; Autumnal Moth = Novemberspanner.

Meer over de herkenning van dit trio:
- http://forum.waarneming.nl/smf/index.php?topic=302773.msg1719798
- http://forum.waarneming.nl/smf/index.php?topic=255549.0

Either Autumnal Moth (Epirrita autumnata), November Moth (E. dilutata) or Pale November Moth (E. christyi). Hard to identify!

afbeelding van Julian

Nachtvlinderen op de Gorsselse Heide

Onze korte nachtvlinderpoging (voordat het rond 22:30 ging regenen) was de moeite waard: twee op landelijke schaal zeldzame insectensoorten.


Drie exemplaren van de Late heide-uil (Xestia agathina)! Deze nachtvlinders van heidegebieden (struikhei en dophei als waardplant) hebben een korte vliegtijd: half augustus tot eind september (één generatie).


Vanuit het Zuiden rukt recentelijk de Sikkelsprinkhaan (Phaneroptera falcata) op om delen van Nederland te bevolken. Opvallend zijn de lange poten, zwarte spikkels en de achtervleugels die voorbij de erboven liggende voorvleugels steken. Een mannetje omdat er in plaats van een korte gekromde legboor (ovipositor) -die de 't vrouwtje van deze soort heeft- de twee cerci aan het uiteinde van het achterlijf aanwezig zijn.

Een gewonere soort (maar niet minder mooi); de Egelskopmot (Nymphula nitidulata):

Pagina's

Abonneren op RSS - Nachtvlinderblogs